Nieuwsarchief

Veelgestelde vragen (FAQ’s) naar aanleiding van de samenwerking tussen VSt, VEN en VGCt

Sinds de Vereniging voor Schematherapie (VSt), Vereniging EMDR Nederland (VEN) en de Vereniging voor gedrags- en cognitieve therapieën (VGCt) in 2019 bekendmaakten nauwer te willen gaan samenwerken, wordt er door de stuurgroep en leden nagedacht en gesproken hoe deze samenwerking eruit zou moeten zien.

Er is eind 2019/begin 2020 een online enquête geweest. Hierbij konden de leden van de drie verenigingen input geven met betrekking tot de samenwerking en vragen stellen. Hieronder vind je de vragen met antwoorden.

  1. Is er sprake van een fusie?
    Nee, de intentie is geen fusie, maar nauwer met elkaar samenwerken. De samenwerking vindt plaats op basis van gelijkwaardigheid, dus ongeacht de grootte van de vereniging. Samenwerking staat de eigenheid van de verenigingen niet in de weg.
  2. Waar komt het idee van samenwerken vandaan?
    De samenwerking is geïnitieerd door de besturen van de drie verenigingen, en wordt gesteund door een ruime meerderheid van de leden.
  3. Waarom zouden we überhaupt de samenwerking opzoeken?
    De verenigingen staan elk voor een vorm van psychotherapie met een sterke evidence-base. Samen leiden we meer dan 10.000 professionals hierin op. De waarde van deze evidence-based psychotherapiën kunnen we beter samen voor het voetlicht brengen dan alleen. Dat is effectiever en efficiënter, en dus beter voor onze leden en hun patiënten.
  4. Welke voordelen verwacht je dat samenwerking oplevert?
    Door samen te werken, kunnen we elkaar op allerlei gebieden versterken, zowel intern, als extern. Intern kunnen we bijvoorbeeld kijken waar we onze reglementen en administratieve processen kunnen vereenvoudigen of harmoniseren. Extern zorgen we bijvoorbeeld voor een goede positionering van onze registraties in het toekomstige beroepengebouw. Ook ondersteunen wij de zorginkopers via het kenniscentrum van Zorgverzekeraars Nederland in het geven van duidelijke informatie over de laatste stand van de wetenschap binnen de evidence-based behandelingen.
  5. Sluiten andere verenigingen ook aan? Waarom wel of niet?
    De stuurgroep Samenwerking onderzoekt wat de gemeenschappelijke basis voor een samenwerking zou moeten zijn. En daaruit volgt of en zo ja, welke verengingen dan aan kunnen sluiten. Wij staan hier zeker voor open.
  6. Is één vereniging met verschillende afdelingen ook een optie?
    We sluiten op lange termijn niets uit, maar voorlopig is dit nog lang niet aan de orde. We onderzoeken de mogelijkheden qua samenwerking, waarbij de verenigingen ieder hun eigen identiteit en registraties behouden. Wel zoeken we steeds naar synergievoordelen op dossiers waar we een gezamenlijk belang hebben.
  7. Hoe is de wil voor samenwerking verdeeld over de verenigingen?
    Bij alle drie de verenigingen staat een grote meerderheid (meer dan 80%) van de leden achter de samenwerking.
  8. Waarom bestaan de werkgroepen PR en Stroomlijnen accreditatie/registratie? Wat is er mis met hoe het nu gaat?
    Er is een grote overlap van leden tussen de verenigingen. Dit betekent dat een aanzienlijk deel te maken heeft met accreditatie- en (her)registratieprocessen van meerdere verenigingen. Het stroomlijnen hiervan betekent een efficiencyslag die leden tijd bespaart en mogelijk ook kosten. Iets vergelijkbaars geldt voor de PR: samen de waarde uitdragen van onze evidence-based psychotherapieën is effectiever en efficiënter dan ieder voor zich de waarde van EMDR, schematherapie, en cognitieve gedragstherapie.
  9. Het supervisietraject van de VGCt is bijna niet te bekostigen voor particulieren. Is hierin ook iets te bereiken?Mogelijk wel, de werkgroep Stroomlijnen accreditatie/registratie is dat op dit moment aan het onderzoeken.
  10. Ik vind dat je moet uitkijken als vakinhoudelijke vereniging wat je overbrengt door zo’n enorm blok te vormen. Dit past meer bij een beroepsvereniging. Wat hebben de directeuren hiermee voor ogen? (schoenmaker blijf bij je leest)
    De krachten bundelen is ook voor vakinhoudelijke verenigingen een goed idee. Hoewel we onze leden opleiden in verschillende evidence-based psychotherapieën, hebben ook wij gedeelde doelen en belangen, die we beter samen kunnen behartigen dan alleen. In onze uitgangspunten hebben alle drie de verenigingen aangegeven wel de krachten te willen bundelen, maar tevens hun eigen signatuur te willen behouden.
  11. De registratie-regels per vereniging zijn ingewikkeld. Als er samengewerkt wordt, kan het minder werk/tijd kosten. Wat zijn de ideeën hierover?
    De werkgroep Stroomlijnen accreditatie/registratie buigt zich hierover. Het is de bedoeling om daar waar mogelijk de processen rondom accreditatie en registratie efficiënter in te richten, zodat het leden minder tijd en werk kost.
  12. Hoe verhoudt deze samenwerking zich naast belangenbehartiger FGzPT ?
    De FGzPT is een federatie die zich bezig houdt met de BIG-registraties, niet met privaatrechtelijke registraties zoals die van de VEN, VSt en VGCt. Dat onderstreept het belang van deze samenwerking.