Nieuws

Reactie Remco van der Wijngaart op filmpje: Dus daarom doe je af en toe zo ‘raar’

Kort samengevat vertelt het filmpje hoe oude pijn in het heden kan leiden tot heftige reacties. De uitleg dat het gekwetste kind nog steeds meegedragen wordt, sluit mooi aan bij de visie van schematherapie, evenals de boodschap dat al vroeg in het leven beschermers ontwikkeld worden. In het filmpje wordt de boosheid van het kind bij de ervaren verlating door moeder uitgelegd als een van die beschermers.

Dat de boze reactie uitgelegd wordt als een beschermer, vond ik opmerkelijk. Natuurlijk zijn er boze Beschermers en worden er in de literatuur allerlei varianten beschreven van deze coping modi, zoals de Boze Beschermer en de Pest & Aanval modus. De primaire boosheid in het filmpje kan naar mijn mening echter beter gezien worden als een natuurlijke, emotionele reactie op gevoeld onrecht, een boos kind. Deze primaire vorm van boosheid is daarmee de keerzijde van het verdriet en de angst bij de gevoelde verlating; het zijn twee zijden van dezelfde medaille. Boosheid als primaire respons bij kwetsingen is al zichtbaar bij baby’s; het klagelijk, verdrietig huilen dat omslaat naar een woest krijsen. Hoe snel dat gebeurt, lijkt afhankelijk van temperament, maar boosheid lijkt hoe dan ook in ons menselijk DNA te zitten. Deze vorm van boosheid is dus geen aangeleerde gedragsmatige reactie, een Beschermer, maar een primaire emotionele respons bij kwetsing, een Boos Kind.

Een boos kind geeft uiting aan gemiste basisbehoeften, net zoals verdriet of angst zo’n uiting kan zijn. Het zijn de symptomen van een onderliggend gemis, net zoals koorts een symptoom kan zijn van een onderhuidse ontsteking. Niet de koorts is het probleem maar die onderliggende ontsteking. Bij emoties is het niet anders; niet de primaire boosheid is het probleem maar het onderliggende gemis aan veiligheid. De boosheid is enkel een behulpzaam signaal dat helpt om het gemis te identificeren.

Het filmpje toont, onbedoeld, hoe lastig het soms is om boze modi van elkaar te onderscheiden. De strategie in het differentiëren, is te luisteren naar wát er gezegd wordt, hoé de cliënt dat zegt en wat je eigen primaire emotionele respons daarop is als therapeut. Een cliënt in een Boze Kind modus zal vertellen over het ervaren onrecht en hoe dat voelde, terwijl de Boze Beschermer juist niet stilstaat bij de gevoelde pijn. De ervaren pijn van het Boze Kind zal doorklinken in de toon van de stem en de boosheid klinkt dan primair of ‘rauw’, anders dan de prikkelbare, afwerende boosheid van de Boze beschermer. Geconfronteerd met die emotionele pijn van het Boze Kind kun je compassie voelen, zelfs al is de cliënt nog zo boos. Een dergelijk gevoel van compassie is minder voelbaar wanneer de Boze Beschermer afstand neemt.

De boodschap is dus, dat het belangrijk is om samen met cliënt het onderscheid te leren maken tussen Boze Beschermers en het Boze Kind.

Remco van der Wijngaart, psychotherapeut en supervisor schematherapie

Dutch Institute for Schema Therapy

www.schematherapy.nl